Twintig jaar lang werkte ik in dezelfde zaak.
Geen grote carrière, geen hoog loon, maar genoeg om mijn huur te betalen, boodschappen te doen en af en toe eens iets leuks te doen met mijn dochter. Ik voelde me niet rijk, maar ik kwam rond.
Tot de zaak sloot.
In het begin maakte ik me niet veel zorgen. Ik had altijd gewerkt. Ik zou wel iets nieuws vinden. Dat dacht ik toch.
Maar de maanden gingen voorbij. Sollicitaties bleven onbeantwoord. Mijn spaargeld slonk sneller dan ik had verwacht. De energiefactuur werd duurder. De huur steeg. Mijn dochter begon aan hogere studies.
Maar op sommige momenten voelde dat recht vooral als iets dat bestond voor mensen die het konden betalen.
Ook het recht op ontspanning/ vrije tijd (=participatie )begon weg te glijden.
Vriendinnen vroegen of ik meeging iets drinken. Ik verzon excuses. Niet omdat ik geen zin had, maar omdat ik de twintig euro niet had.
Langzaam begon ik mensen minder te zien.
Armoede maakt niet alleen je portefeuille kleiner.
Ze maakt ook je wereld kleiner.
En dan was er het recht op wonen.
Ik heb een dak boven mijn hoofd. Daar ben ik dankbaar voor. Maar elke maand opnieuw vraag ik me af hoe lang ik de huur nog zal kunnen betalen. Ik woon niet in onzekerheid omdat ik iets verkeerd deed. Ik woon in onzekerheid omdat één tegenslag genoeg was om mijn evenwicht kwijt te raken.
Dat is misschien wat me het meest verrast heeft.
Hoe snel een mens kan vallen.
Hoe weinig er soms nodig is.
Een job verliezen.
Een relatiebreuk.
Een ziekte.
Een energiefactuur die plots verdubbelt.
"Ik had nooit gedacht dat ik ooit over mezelf zou zeggen dat ik in armoede leef."
Mijn naam is Els. Ik ben 47 jaar. Of beter gezegd: ik was 47 toen mijn leven plots een andere richting uitging.
En plots begon ik te merken dat er puzzelstukken verdwenen uit mijn leven.
Het eerste puzzelstuk was zekerheid.
Ik lag wakker van rekeningen die ik vroeger gewoon betaalde zonder erbij na te denken. Elke brief in de bus zorgde voor stress. Elke onverwachte kost voelde als een ramp.
Daarna begon het puzzelstuk van gezondheid te verschuiven.
Ik stelde een tandartsbezoek uit. Eerst een paar weken. Daarna een paar maanden. Uiteindelijk bijna twee jaar. Niet omdat ik geen pijn had, maar omdat ik bang was voor de rekening.
Ik weet dat gezondheidszorg een recht is.
Mensen denken vaak dat armoede een probleem is van geld.
Maar voor mij voelt het alsof er telkens een stukje uit de puzzel van mijn leven verdween.
Een stukje gezondheid.
Een stukje rust.
Een stukje sociale contacten.
Een stukje toekomst.
En toch is dit geen verhaal zonder hoop.
Want onderweg ontmoette ik ook mensen die hielpen zoeken naar nieuwe puzzelstukken.
Een maatschappelijk werker die naar me luisterde zonder oordeel.
Een vereniging waar ik opnieuw mensen leerde kennen.
Vrijwilligers die me niet bekeken als een dossier, maar als een mens.
Daardoor besefte ik iets belangrijks.
Mensenrechten gaan niet alleen over wetten of regels.
Ze gaan over de vraag of mensen werkelijk de kans krijgen om menswaardig te leven.
En mensen maken daarin het verschil.
Elke dag opnieuw.
Mijn verhaal is niet uniek.
Misschien maakt dat het net zo belangrijk om te vertellen.
Want achter elk cijfer over armoede zit iemand zoals ik.
Iemand die ooit dacht dat het hem of haar nooit zou overkomen.
Iemand die probeert verder te bouwen met de puzzelstukken die er nog zijn.
En iemand die hoopt dat niemand hoeft te leven met ontbrekende stukken...